Toespraak Rademakersbroek

Beste aanwezigen,

Welkom op deze beladen plek aan het Rademakersbroek. Speciaal welkom ook aan de leerlingen van De Meeander uit Heelweg, die straks de namen gaan noemen van de mannen die we vandaag gedenken. 

Op 2 maart 1945 werden op de akker achter dit monument zesenveertig gevangenen uit gevangenis De Kruisberg in Doetinchem als vergeldingsactie gefusilleerd. Zesenveertig mannen, die doelbewust en op gruwelijke wijze werden vermoord. Notabene in de laatste maanden van de Duitse bezetting.

Elk jaar komen we hier samen om de slachtoffers en hun nabestaanden te eren en te gedenken. Dat is belangrijk want we mogen onze geschiedenis nooit vergeten. Het Nationaal Comité 4 en 5 mei koos dit jaar voor het thema: ‘De geschiedenis leren begrijpen.’ En dat is geen eenvoudige opdracht.

Begrijpen vraagt namelijk nogal wat van ons. De mannen die hier werden gefusilleerd waren in de leeftijd tussen de 18 en 65 jaar. De meesten hielden zich bezig met verzetsactiviteiten en kwamen dus op voor onze vrijheid. Zelf haalden ze de bevrijding – net - niet. Het waren mensen zoals als u en ik, met toekomstplannen, met families en gezinnen. Ze wisten niet dat ze ooit een oorlog zouden meemaken. Laat staan dat ze daarin grote keuzes moesten maken: ga ik in het verzet of blijf ik aan de zijlijn staan. Ook konden ze niet weten dat ze later zelf onderdeel van een herdenking zouden worden.

Het is bijna 81 jaar geleden dat Nederland werd bevrijd. De mensen die daadwerkelijk kunnen getuigen van hun ervaringen in de Tweede Wereldoorlog zijn er straks niet meer. We kunnen dan niet meer putten uit hun verhalen en hun herinneringen. We moeten het dan doen met wat bewaard is gebleven aan getuigenissen, waarschuwingen en levenslessen. 
Als samenleving zijn we met z’n allen verantwoordelijk om hun ervaringen en hun verhalen te blijven vertellen. Daarom is het belangrijk dat we ons blijven verdiepen in wat er destijds in hun levens is gebeurd. Alleen dan kunnen we begrijpen hoe het zover kon komen. En kunnen we onszelf de vraag stellen of het nog een keer zou kunnen gebeuren. Zelf heb ik voorafgaand aan deze herdenking gesproken met de 94-jarige mevrouw Klein-Penders die mij vertelde over wat er hier op deze plek gebeurd is. 

De zesenveertig mannen die hier zijn vermoord, waren geen nummers. Het waren mensen van vlees en bloed. Met namen, met geliefden, met dromen, met verantwoordelijkheden. Hun dood was bedoeld als vergeldingsactie. Wat hier is gebeurd mogen we nooit vergeten. Daar moeten we elk jaar bij stil staan. Samen. Jong en oud. Door hier samen te komen, laten we zien dat geweld nooit het laatste woord heeft. Dat herinnering sterker is dan angst. Dat menselijkheid niet kan worden weggevaagd.

Geschiedenis begrijpen betekent ook erkennen hoe kwetsbaar onze samenleving en onze democratie kan zijn. Hoe snel grenzen verschuiven als onze rechtsstaat onder druk komt te staan. Hoe onrecht heel geleidelijk normaal kan gaan lijken, als niemand meer opstaat. Dat besef raakt ook aan onze tijd.

We leven in een wereld waarin oorlog en conflicten dagelijks het nieuws bepalen en mensen van huis en haard worden verdreven. Mensen die op basis van huidskleur, geloof of afkomst worden vervolgd. Die buitengesloten worden en systematisch ontmenselijkt. Wat begint met woorden en vooroordelen, eindigt vaak in geweld. Dat laat ons zien hoe kwetsbaar een democratie is als we ophouden de ander als mens te zien. 

Meningen worden uitvergroot, we staan steeds vaker tegenover elkaar in plaats van naast elkaar. Hiervoor mogen we onze ogen niet sluiten. Het vraagt ons om te blijven luisteren naar elkaar en om ruimte te geven aan elkaars verschillen. We moeten onze menselijkheid bewaren, juist nu de wereld deze zo vaak lijkt te verliezen. 

Laten we ons vandaag, bij dit herdenkingsmonument, vooral laten leiden door wat deze plek ons leert: dat vrijheid nooit vanzelfsprekend is, en dat waakzaamheid begint bij herinnering. Herdenken is geen ritueel zonder betekenis. Het is een morele keuze. Een keuze om te blijven vertellen. Om vragen te blijven stellen. Om niet weg te kijken, ook wanneer het moeilijk is.

De 46 mannen die hier zijn gestorven, kunnen hun verhaal niet meer zelf doorgeven. Dat is nu onze verantwoordelijkheid. Van generatie op generatie. In woorden en in daden. Ik hoop dat deze plek ons blijft oproepen tot menselijkheid. En tot het beschermen van de vrijheid die zij niet meer mochten meemaken.

Dank u wel.